Parasieten Test

Gratis verzending
€ 66,95

Test op de veelvoorkomende buikklachten veroorzakende parasieten: B Hominis en D fragilis. + gastro intestinaal panel

Parasieten test

De twee meest voorkomende parasitaire infecties betreffen Dientamoeba Fragilis en Blastocystis hominis. Een groot deel van de mensen met darmklachten is besmet met eencellige parasieten. Met behulp van DNA analyses kunnen darmparasieten met zekerheid worden aangetoond. Ook de mate van besmetting is af te lezen. Ze geven bij overgroei last van te dunne ontlasting, gavsorming en vermoeidhied. 

De overige parasieten en bacterielle / virale infecties uit het uitgebreide Gastro intestinal panel geven behoorlijk heftiger klachten. (zoals meer dan 6x daags diarree & bloed en slijm bij de ontlasting & ernsige malaise)

Testen is mogelijk op de volgende parasieten:

  • Dientamoeba Fragilis & Blastocystis hominis
  • Gastro intestinal panel (PCR): Salmonella, Campylobacter, Y.enterocolitica, Shigella/EIEC, Giardia lamblia, Cryptosporidium, E.histolytica, Norovirus, Rotavirus, Astrovirus, Adenovirus,
  • Dientamoeba Fragilis & Blastocystis hominis PLUS Gastro intestinal panel (=Salmonella, Campylobacter, Y.enterocolitica, Shigella/EIEC, Giardia lamblia, Cryptosporidium, E.histolytica, Norovirus, Rotavirus, Astrovirus, Adenovirus)

    Dientamoeba Fragilis

    Klachten die deze parasiet veroorzaakt zijn:
    • Darmklachten zoals buikpijn,
    • Opgezette buik en soms winderigheid
    • Misselijkheid
    • Dunne ontlasting
    • Moeheid
  • Soms: Haaruitval, huid of gewrichtsklachten, koorts, darmontstekingen, mentale symptomen
  • Kinderen hebben vaker last van deze parasiet en hebben naast buikpijn ook regelmatig eczeem en huidklachten. Ook plekjes rond de liesstreek kunnen een teken van infectie zijn.
  • Bij volwassenen staan buikklachten en diarree lang niet altijd voorop: zij zijn vaak vermoeid. Na behandeling keert de energie snel terug!
  • Infectie is te herkennen doordat de ontlasting wisselend van structuur is, wanneer om de 4 tot 10 dagen normaal gevormde ontlasting wordt afgewisseld met een brij, is de kans groot dat er parasieten in de darm zijn.
  • Uitzonderingen bevestigen de regel.. er zijn ook mensen met obstipatie die last hebben van een parasitaire infectie.
  • Echter  het kan ook zonder noemenswaardige symptomen verlopen. In dat geval moet zorgvuldig afgewogen worden, of behandeling zinvol is. Meestal heeft het dan de voorkeur om vooral het (basis) darm milieu te ondersteunen en in balans te brengen.

    Blastocystis hominis

    Een derde van de besmette mensen heeft symptomen. Wanneer besmetting klachten veroorzaakt, uiten deze zich meestal in:
  • een enorm opgezette buik
  • wisselende (te dunne) ontlasting

Andere veel voorkomende klachten zijn:

• misselijkheid
• jeuk - de jeuk ontstaat door een allergische reactie op de parasiet.
• Ook kan vermoeidheid, diarree, buikpijn, slapeloosheid, mentale symptomen en zelfs koorts voorkomen.

Blastocysten vormen net als andere eencellige darmparasieten fermentatieproducten die bijdragen tot het opzetten van de buik en vermoeidheid. Blastocystis hominis kan ontstekingen bevorderen (door pro-infectie cytokinen zoals interleukine-85 te produceren).
Echter zoals al eerder aangegeven: het kan ook zonder noemenswaardige symptomen verlopen. In dat geval moet zorgvuldig afgewogen worden, of behandeling zinvol is. Meestal heeft het dan de voorkeur om het (basis) darm milieu te ondersteunen en in balans te brengen. Ook kan een differentiering ziekteverwekkende subtypes bij positieve uitslag overwogen worden.

Risicofactoren parasitaire besmetting:

• Werk: de verpleging, verzorging, psychiatrie, medisch laboratorium, peuterspeelzaal, luchthaven of haven, asielzoekers instantie, afvalverwerking, vleesindustrie, als loodgieter, slager
• frequent contact met dieren
• gezinsleden/partner darmklachten
• (kleine) kinderen buikklachten
• homoseksuele contacten (man)
• ontwikkelingslanden bezocht
• klachten tijdens/na tropenbezoek
• diarree na zwemmen
• ooit acute diarree tijdens vakantie
• ooit acute diarree verkeerd voedsel
• ooit darmparasieten gehad

Overige veel voorkomende parasitaire infecties:

Betreffen: Giardia lamblia, Entamoeba histolitica, Cryptosporidium spp  Déze parasieten geven in de regel veel heviger klachten: zoals zeer veelvuldig diarree, buikpijn, bloed en of slijm bij de ontlasting.

Deze worden getest in het Gastro intestinal panel (PCR): samen met andere hefige bacterielle / virale infecteis: Salmonella, Campylobacter, Y.enterocolitica, Shigella/EIEC, Giardia lamblia, Cryptosporidium, E.histolytica, Norovirus, Rotavirus, Astrovirus, Adenovirus, Sapovirus

Test procedure

De test wordt op 2 verschillende dagen afgenomen, het liefst van een brijachtige ontlasting. De test kan op álle dagen afgenomen worden. Het is niet erg als er meerdere dagen tussen de test afnamen zitten.  Het onderzoeksresultaat krijgt u per email toegestuurd. De resultaten bevatten een uitleg en dieet / suppletie advies.

Geboortedatum vermelden

Vraag je een test aan, vermeld dan aan het einde van je bestelling, je geboortedatum bij het veld "opmerkingen"

Darm milieu

Aangezien een parasitaire belasting alleen heeft kunnen ontstaan in een daartoe ontvankelijk darm milieu, is het altijd zinvol om ook de Basistest Darmen aan te vragen bij onbegrepen buikklachten. Ze zijn zeer besmettelijk: dus hygiënische maatregelen moeten nauwkeurig in acht worden genomen. Ook de verterings kracht speelt een belangrijke rol. 

Subtypering Blastocystis Hominis

B.hominis is een veelvoorkomende intestinale protozoaire parasiet die wereldwijd in zowel gezonde individuen als patiënten met darmklachten wordt aangetroffen. Sommige subtypes (ST’s) geven klachten zoals diarree, buikpijn en een opgeblazen gevoel. Daarom kan subtypebepaling bijdragen aan de interpretatie en behandeling. Niet elk subtype lijkt even ziekteverwekkend, en sommige, zoals ST3, kunnen zelfs een rol spelen in een gezonde darmflora. Daarentegen wordt ST4 vaker geassocieerd met klachten. Door subtypebepaling toe te passen, kun je dus beter inschatten of de aanwezigheid van de parasiet Blastocystis Hominis van klinisch belang is en of verdere behandeling of aanvullende diagnostiek nodig is. 

-Bij een positieve bevinding van Blastocystis Hominis, wordt de subtypering test kosteloos uitgevoerd.

De verschillende subtypes:

Subtype 1 (ST1) is een van de meest voorkomende subtypes bij mensen en wordt wereldwijd aangetroffen. Hoewel het vaak wordt gevonden bij mensen zónder darmklachten, kán dit subtype ook klachten geven zoals diarree en buikpijn. ST1 komt vaker voor in ontwikkelingslanden en kan bij mensen met een verzwakt immuunsysteem uitgesproken klachten veroorzaken.
Subtype 3 (ST3) is het meest dominante subtype bij mensen en wordt in veel studies als het minst ziekteverwekkend beschouwd. Dit betekent echter niet dat het volledig onschuldig is; sommige mensen met ST3 rapporteren darmsymptomen, vooral als er sprake is van onderliggende maag- darm problematiek. ST3 wordt echter ook vaak geassocieerd met een stabiele darmflora en lijkt een natuurlijke bewoner te zijn in de menselijke darm.
Subtype 4 (ST4) is zeldzamer dan ST1 en ST3. In Europa en Azië wordt ST4 vaker geïdentificeerd en is het in meerdere studies geassocieerd met symptomen zoals diarree, buikpijn en vermoeidheid. In tegenstelling tot ST3 lijkt ST4 dus vaker klachten te geven, waardoor subtypebepaling bij patiënten met onverklaarde gastro-intestinale klachten aan te raden is.

Naast ST1, ST3 en ST4 zijn er nog andere subtypes die minder vaak worden gerapporteerd bij mensen. Deze subtypes worden niet bepaald in de aanvullende test.
• Subtype 2 (ST2): Meestal asymptomatisch, maar incidenteel geassocieerd met diarree.
• Subtype 5 (ST5): Meer voorkomend bij dieren, zoals varkens, maar soms ook bij mensen geïdentificeerd, met een mogelijke link naar diarree.
• Subtype 6 (ST6) en subtype 7 (ST7): Vooral aangetroffen bij vogels en minder vaak bij mensen; de klinische relevantie is nog onduidelijk.
• Subtype 8 (ST8): Zeldzaam bij mensen en voornamelijk geïdentificeerd bij primaten.
• Subtype 9 (ST9): Zeldzaam, weinig data beschikbaar over de klinische betekenis.